De binnenvaartsector is een belangrijke transportsector in Nederland. Naast beroepsvaart vindt er ook veel recreatievaart plaats. Al dit verkeer passeert diverse sluizen en bruggen. Ecorys onderzoekt of het economisch haalbaar is om een aantal sluizen en bruggen op afstand te bedienen in plaats van op locatie.
De provincie Drenthe is in 2005 gestart met het op afstand bedienen van bruggen en sluizen in de provinciale vaarwegen. Bediening op afstand is het bedienen van bruggen en sluizen zonder brug- of sluiswachter op locatie. Camera’s zorgen voor het zicht op het scheepvaartverkeer.
Bediening op afstand brengt verschillende voordelen met zich mee. Allereerst kunnen de jaarlijkse exploitatiekosten van de bediening van de sluizen en bruggen in de regio worden verlaagd. Daarnaast kan bediening op afstand leiden tot een hogere servicegerichtheid voor de beroeps- en recreatievaart.
In 2010 is onderzocht welke bruggen en sluizen in aanmerking komen voor bediening op afstand. Op de trajecten Verlengde Hoogeveensche Vaart en Stieltjeskanaal liggen vier bruggen en drie sluizen die op afstand kunnen worden bediend vanuit de bedieningspost Stieltjeskanaalsluis. Daarmee kan op de kosten van personele inzet en overige exploitatiekosten, die dreigen te stijgen door een toename van het scheepvaartverkeer door het openstellen van het vaartraject Erica – Ter Apel, worden bespaard. Tegenover deze besparing staat wel een eenmalige investering om bediening op afstand te realiseren.
Het onderzoek
Om een besluit te kunnen nemen over bediening op afstand voor de genoemde vaarwegen, heeft Ecorys in opdracht van de Provincie Drenthe een kosten- en batenanalyse uitgevoerd. Met deze analyse wil de provincie duidelijk krijgen of de baten van het project in verhouding staan tot de investeringskosten. In de analyse zijn twee situaties met elkaar vergeleken: de ene situatie gaat ervan uit dat alle vaarwegobjecten op bovengenoemde kanalen op afstand (centraal) bediend worden vanuit de Stieltjeskanaalsluis. De tweede situatie gaat ervan uit dat alle bruggen en sluizen op de Verlengde Hoogeveensche Vaart en het Stieltjeskanaal decentraal bediend worden. Er wordt rekening gehouden met de meest waarschijnlijke autonome groei van het scheepvaartverkeer.
Het resultaat
De conclusie van het onderzoek is dat de baten de kosten overstijgen. De baten bestaan hoofdzakelijk uit de besparing op de personeels- en exploitatiekosten. Het saldo is bovendien robuust. Dit betekent dat ondanks een verkorting van de termijn voor herinvesteringen (van 40 jaar naar 25 jaar), of het meenemen van een extra brug in de bediening op afstand, het saldo van baten en kosten positief blijft.
